Main content

‘Ik wil niet weten wat er zonder hulpverlening van mij terecht was gekomen’

Bewoner Kimberley
Vrouw met bril kijkt in de camera

Kimberley woont sinds haar zevende al niet meer thuis. Op haar 19e emigreerden haar pleegouders. Met het nieuwe gezin dat werd toegewezen, klikte het niet. “Sindsdien woon ik hier.”

“Mijn ouders konden niet voor me zorgen. Ik groeide op in instellingen en gezinshuizen. Het was gek om geen ouders te hebben, om het huiselijke te missen, maar het heeft me ook gemaakt tot wie ik ben. En ik wil niet weten wat er zonder de hulpverlening van mij terecht was gekomen!

Chaos

Ik heb vooral hulp nodig met plannen. Mijn hoofd is een grote chaos, ik krijg het soms zelf niet op een rijtje. De staat van mijn hoofd lees je af aan mijn kamer: als mijn kamer een rommel is, helpt een begeleider mij opruimen. Dat geeft rust in mijn hoofd.

Leuke dingen doen

We doen hier veel leuke dingen. Bowlen, weekendjes weg. En sporten - toen ik hier kwam wonen, ben ik gaan tafeltennissen en - dat mag ik over mezelf wel zeggen - ik ben er best goed in geworden! Maar het leukste was laatst met oud en nieuw. De begeleider, die normaal gesproken ’s avonds naar huis gaat, was toen gebleven. We hebben spelletjes gespeeld, gegourmet, oliebollen gegeten.

Vrouw helpt jonge vrouw met huiswerk

Marloes helpt Kimberley met haar studie.

Wij zijn belangrijk voor de begeleiders

Natuurlijk is er ook wel eens hommeles op de groep, mensen met een kort lontje bijvoorbeeld, maar de begeleiders weten daar goed mee om te gaan. Ik vind het ook fijn als de begeleiders echt de tijd voor ons nemen. Er ligt altijd wel papierwerk te wachten, maar wij zijn toch het belangrijkste.

Mijn doelen

Met mijn mentor bespreek ik wekelijks mijn doelen; één van mijn doelen was een opleiding tot kok volgen - dat doe ik nu. Ik hoop ook ooit te gaan samenwonen, mijn rijbewijs te halen, de bewindvoering gedag te kunnen zeggen... Dat ik alles zelf kan, geen hulp van anderen nodig heb. Dat vind ik nu nog lastig.”